leerstofaanbod
Net als in het basisonderwijs, zijn er ook voor de ZML scholen doelen opgesteld door de overheid: de zgn. kerndoelen ZML. Deze doelen zijn (of worden) op onze school verwerkt in leer-vormingsgebieden of “vakken”: Godsdienst, persoonlijkheidsontwikkeling, ontwikkelingsgericht werken, taal en communicatie, rekenen, oriëntatie op mens en wereld, creatieve vorming, motorische ontwikkeling en spelontwikkeling. In het SO is ons onderwijs grotendeels gericht op het verwerven van kennis en het opdoen van vaardigheden.

Spelontwikkeling
Spel vormt een belangrijk onderdeel in de ontwikkeling van een kind.
Leerlingen leren hun omgeving voor een groot deel kennen door middel van spel: denk aan imitatiespel en het spelen met anderen. Door het omgaan met spelmateriaal maken ze kennis met begrippen zoals klein, groot, hoog en laag. Spel vormt een belangrijk onderdeel in de ontwikkeling van een kind. 

Zelfbeeld
Hierbij gaat het er vooral om dat de leerlingen zich bewust worden van hun eigen ik. Ze leren omgaan met hun gevoelens: zeggen of ze iets wel of niet leuk vinden, kunnen aangeven dat ze hulp nodig hebben of dat ze boos zijn, verdrietig of blij. Het gaat er om dat ze zich zekerder voelen, enig inzicht krijgen in wat ze wel en niet kunnen, waar ze goed in zijn en wat minder goed gaat. Het is de bedoeling dat ze leren aangeven wat ze graag zouden willen of, als dit niet kan, leren kiezen uit iets dat door anderen wordt aangedragen.

Sociaal gedrag
Omgaan met anderen is een wezenlijk onderdeel van onze maatschappij. Het gaat hierbij om het maken van contact en hoe ik mij gedraag bij leerlingen en volwassenen. Wat doe ik bij ruzie of als er iemand verdrietig is. Het gaat om het leren samen met anderen iets te doen (werken, spelen). Leren omgaan met sociale regels, bijvoorbeeld: als iemand anders praat, ben ik stil; ik vraag iets op een beleefde manier.

Werkhouding
Werkhouding begint al bij het spelen, het is eigenlijk het gericht bezig zijn met iets, hier interesse voor hebben en het leren afmaken van een taak waar aan begonnen is. Dit is voor leerlingen een hele opgave en zeker in het begin is hier veel begeleiding bij nodig. Een belangrijk aspect is ook dat de leerlingen steeds meer leren om zelfstandig ergens mee bezig te zijn zonder voortdurend hulp van de leerkracht nodig te hebben.

Leergebied specifieke onderdelen
Taal
Taal is een belangrijk communicatiemiddel. We leren leerlingen gesproken en (eventueel) geschreven taal begrijpen en gebruiken. De meeste leerlingen leren lezen en schrijven, een gedeelte daarvan zelfs spelling. Op De Wingerd werken we met de Leesmethode ‘De Leeslijn’. Binnen deze methode werken wij aan het technisch leren lezen. Voor leerlingen die hier veel moeite mee hebben of niet aan Technisch Lezen toekomen is er signaal lezen. Hiervoor gebruiken we de methode “Zeggen wat je ziet”. M.b.v. deze methode bieden we de woorden als geheel aan i.p.v. letter voor letter in combinatie met pictogrammen.

Voor Mondelinge Taal gebruiken wij de methode Fototaal. Hiermee werken we heel gericht aan alle facetten die horen bij Mondelinge Taal. Zoals de naam van de methode ook al aangeeft, gebeurt dit in combinatie met foto’s.

Rekenen
Het rekenonderwijs is onder te verdelen in theoretisch en toegepast rekenen. Het theoretisch rekenen richt zich op het omgaan met hoeveelheden en getallen, op rekenvaardigheden, begrippen en bewerkingen. Het toegepast rekenen richt zich op het omgaan met geld, klokkijken, meten en wegen in relatie met de dagelijkse praktijk. Op De Wingerd werken we met de rekenmethodes: Wiswijs, Rekenzeker en Levend Rekenen.

Wereldoriëntatie/Oriëntatie op mens en wereld
Het perspectief van de leerlingen kan worden samengevat in;
‘Wat is mijn rol en plaats in de wereld die past bij mijn realiteit.
Het gaat hierbij om de onderdelen: Oriëntatie op de ruimte, Oriëntatie op tijd, Oriëntatie op natuur en milieu, Zorg voor natuur en milieu, Gezond en redzaam gedrag en Oriëntatie op de samenleving.

Verkeer
Op De Wingerd vullen we het verkeersonderwijs zo praktisch mogelijk in en besteden met name veel aandacht aan het ‘deelnemen’ in het verkeer als passagier, voetganger en fietser. We doen dit in het SO zowel individueel als in kleine groepjes.

Lichamelijke oefening/bewegingsonderwijs
Het bewegingsonderwijs is erop gericht dat de leerlingen leren zich een aantal belangrijke vaardigheden eigen te maken en is gericht op het plezier beleven aan lichaamsbeweging in vele vormen.

Zwemmen
De school beschikt over een klein zwembad . De jongste groepen maken hier gebruikt van. Bij deze leerlingen staat de watergewenning centraal. Daarnaast wordt er gezwommen door de groepen waarbij het accent meer gelegd wordt op een combinatie van onderwijs en zorg.

Godsdienstige vorming
Bijbelverhalen en de verwerking hiervan, gesprekken en het zingen van liederen geven mede inhoud aan de identiteit van de school. In het SO wordt dit binnen de eigen groepen gegeven.